Oorzaken:
In de kraamperiode:
-Placentarest (stukje placenta, dat van de placenta af is gescheurd tijdens de bevalling en voor bloedingen in de baarmoeder zorgt)
-Lochiometra (een groot bloedstolsel in de baarmoeder. Na bijvoorbeeld een keizersnede)
-Ruptuur of een epiostomie (knip)
-Choriocarcinoom
-Cervixcarcinoom
-Bloedstollings- of stelpingsstoornis (zoals post partum pre-eclampsie met weinig bloedplaatjes)
Frequentie:
Risicofactoren:
Verschijnselen: Placentarest:
-Wisselende mate van bloedverlies. Eerst lijkt het op normale lochia (bloedverlies na de geboorte), dan is het weer helder bloedverlies met stolsels. Lochiometra:
-Plotseling veel donker bruin bloedverlies (niet helderrood dus)
Complicaties:
Placentarest:
-Ernstige anemie
Diagnostiek: Placentarest:
-Open ostium uteri (sluit normaalgesproken binnen 1 week)
-Echo van de uterus laat een niet streepvormige uterus zien. Indien de placentarest er lang zit, kan die eruit zien als een poliep Lochiometra:
-Echo van de uterus met echodense structuren (onderscheid tussen stolsels en placentarest is moeilijk te maken) Ruptuur of een epiostomie:
-Manueel onderzoek van de vagina
-Bij niet te traceren bloedingshaard: angiografie Cervixcarcinoom:
-Speculum onderzoek met het afnemen van een cervix smear
Behandeling:
Bij placentarest of lochiometra: curretage.
Bij een ruptuur of epiostomie: indien al gehecht, de hechtingen losmaken en opnieuw hechten. Indien niet gehecht, dit alsnog doen. Laat een drain achter.
Bij een niet te traceren bloeding kan na angiografie de bloedende arterie worden geemboliseerd.