Inhoud op alfabetische volgorde:

A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z

Terug naar EncyMed


Oogheelkunde

Extra informatie:

Volgorde van anamnese/LO
Differentiaal diagnose lijst voor enkele oogheelkundige aandoeningen
Afkortingenlijst gebruikt in de oogheelkunde
Lijst met enkele oogheekundige begrippen

Volgorde van anamnese/LO

Anamnese:
Klacht en het beloop van de klacht noteren. Vragen naar diabetes, hart en vaatziekten, allergieen, schildklierziekten, COPD, hypertensie, oogheelkundige ingrepen, medicatiegebruik, bril/contactlensen en welke sterkte, beroep, dagelijkse activiteiten (beide om risicosituaties in kaart te brengen), intoxicaties (alcohol, sigaretten), familie anamnese.

LO:
VOD (visus oculus dextra) en VOS (visus oculus sinistra) bepalen (met die kaart waarop getallen staan): zonder eigen correctie, met eigen correctie en met de stenopeische opening.
Confrontatietest volgens Donders (gezichtsveldonderzoek)
Stand van de ogen bepalen. Schijn met een lampje in de ogen van de patient als deze naar het lampje kijkt. Doe dit op 1 en 5 meter. Vervolgens in het oneindige door de patient in de verte te laten kijken. De lichtreflex moet in beide ogen gelijk zijn. Gebruik de afdektest en de alternerende afdektest om persistent en latent strabisme op te sporen.
Motiliteit van de ogen bepalen door de patient je vinger te laten volgen met de ogen.
Pupilreacties: direct en indirect
Amsler kaart (kaart met punt in het midden, omgeven door rechte lijnen. Bij het zien van vervormingen van de lijnen is er waarschijnlijk een vervorming van de retina)
Uitwendige inspectie van het oog en de oogleden. Gebruik opvallend licht en direct invallend licht om het oog te onderzoeken
Oogdruk: palpatoir als je geen oogdrukmeter hebt. Palpatoir is super onnauwkeurig, dus niet op varen.
Fundoscopie: goed de papil, en macula in beeld brengen. gebruik het liefst (als er geen contra-indicaties voor zijn) pupilverwijdende oogdruppels voor. Gebuik ook het liefst een indirecte fundoscoop, omdat daarmee het beeld 4x zo groot is. Met de directe fundoscoop is het echt zoeken. Met de directe funcoscoop beginnen van veraf met inspectie van het terugkaatsende licht vanuit de retina (zo zie je ook retinablastoom). Zet de fundoscoop op stand 0 met de grootste ronde lichtbundel. Probeer scherp te stellen op een bloedvat en dichterbij het oog te komen. Uiteindelijk moet je zowat tegen de patient aan zitten. Als je niet scherp kan stellen tel dan de lensscherpte van de patient op bij je eigen scherpte of draai gewoon tot je de juiste scherpte hebt.


Differentiaal diagnose lijst voor enkele oogheelkundige aandoeningen:

Rode oog
Tranende ogen
Droge ogen
Pijnlijk oog
Zwarte vlekken zien
Acuut slecht zien
Geleidelijk slecht zien
Voorbijgaande blindheid
Lichtflitsen
Scheelzien
Dubbelzien
Bolle ogen (exophtalmie)
Wiebelogen (nystagmus)
Witte pupil
Jeukende ogen
Beelden zien die er niet zijn

Rode oog:
-Met pijn
--keratitis
--acuut glaucoom
-Pus of bloed in voorste oogkamer
--endoftalmitis, uveitis, trauma (met bijv hyphaema - bloed in voorste oogkamer)
-Zicht onbeperkt
--conjunctivitis
--hyposhagma
-Last van het licht
--iritis, keratitis, "conjunctivitis"
-Na iets in het oog te hebben gehad
--corpus alienum, erosie
-Met zwelling
--cellulitis orbitae, allergie
-Segmentaal
--pterygium, scleritis
-Van het ooglid
--hordoleum
--chalazion
--blefaritis
-Rest
--ectropion, entropion, cluster hoofdpijn

Tranende ogen:
-Met pus of slijm
--ontsteking oog/traanzak
-Oog sluit niet 's nachts
--n. facialis verlamming
-Ontstaan direct na de geboorte
--congenitale traanbuisvernauwing
-Chronische ontsteking
--dit kan traanbuisvernauwing veroorzaken

Droge ogen:
-allergische conjunctivitis
-auto-immuun ziekte (bijv Sjogren, SLE, reuma)
-leeftijd gerelateerd
-hormonaal (zwangerschap, menopauze, menstruatie)
-chronische blefaritis
-xerophthalmia (vitamine A deficientie)
-sarcoidose
-Stevens-Johnson syndroom
-pemphigoid
-slechte ooglid of traanklierfunctie
-medicatie (bijv cytostaticagebruik, beta-blokkers)

Pijnlijk oog:
-acuut glaucoom
-erosie cornea
-acute iridocyclitis
-migraine
-herpes zoster ophtalmicus
-arteriitis temporalis
-trigeminusneuralgie
-cluster hoofdpijn
-asthenopie
-conjunctivitis
-corpus alienum
-cellulistis orbitae
-hordoleum
-chalazion
-blefaritis
-dacryocystitis
-verminderde traanproductie
-sinusitis
-arteriitis temporalis
-uveitis
-neuritis optica
-scleritis
-episcleritis
-intracraneaal ruimte innemend proces

Zwarte vlekken zien:
-Met lichtflitsen
--ablatio retinae, glasvochtloslating
-Verminderd zicht
--glasvochtbloeding, diabetes
-Rest
--uveitis posterior, hypertensie, antistolling

Acuut slecht zien:
- acuut glaucoom
- arteriele afsluiting,
- exudatieve macula degeneratie,
- iritis,
- uveitis,
- ablatio retinae,
- migraine,
- arteriitis temporalis,
- neuritis retrobulbaris,
- glasvochtbloeding,
- trombose,
- conjunctivitis,
- keratitis,
- opticus neuritis (bijv MS),
- papiloedeem,
- trauma,
- conversie,
- TIA (amaurosis fugax),
- diplopie

Geleidelijk slecht zien:
-Met centrale zwarte vlek
--maculadegeneratie
--opticusatrofie
-Een kind
--prematurenretinopathie
--buftalmie
-Moeite met zien in het donker
--retinitis pigmentosa
-Rest
--refractieafwijkingen
--diabetische retinopathie
--andere retinopatie (bijv hypertensief, sikkelcel, stralings, sle)
--myopia gravior
--cataract
--pterygium
--CVA
--chronisch glaucoom
--chronische uveitis
--hypofysetumor
--presbyopie (lens kan niet meer accomoderen. Het punt waarop scherpgesteld kan worden komt verder van het oog af te liggen)

Voorbijgaande blindheid:
-amaurosis fugax, acuut glaucoom, migraine, retinale vaatspasmen

Lichtflitsen:
-ablatio retinae, migraine

Scheelzien:
-Met slecht zien
--cataract
--retinoblastoom
-Hetzelfde oog staat telkens scheef
--paralytisch
-Rest
--gewoon strabisme

Dubbelzien:
-Met het andere oog gesloten (met 1 oog dubbelzien)
--monoculaire diplopie door oogafwijking
--refractie afwijkingen
--vroeg cataract
--lens verzakking
--cornea aantasting (wond, pterygium)
-Met beide ogen open
--microvasculaire infarcten (zoals bij diabetes en hypertensie)
--MS
--Graves
--Wernicke
--botulisme
--aneurysma van de carotis of een dissectie
--hersenstam infarct
--posterior inferior cerebellar artery aneurysm
--tumor
--neurosyfilis
--dyfterie
--meningitis bij tuberculose
--reuscel arteriitis
--sarcoidose
--SLE
--cellulitus orbitae
--sfenoide sinusitis
--orbitale blowout
--sinus cavenosus trombose
--migraine (ophthalmische)
--binoculaire diplopie door een oculomotorische afwijking
--paralytisch strabisme

Bolle ogen (exophthalmie):
-cellulitis orbitae
-maligniteit
-Graves
-orbitale pseudotumor
-trauma
-orbitale bloeding
-retractie van het ooglid
-Wegners granulomatose
-sarcoidose
-sinus cavenosus trombose
-arterioveneuze malformatie
-posteriore scleritis
-morbus Hand-Schuller-Christian (eosinofiel granuloom)

Wiebelogen (nystagmus):
-fysiologische optokinetische nystagmus
-pendelnystagmus (normaal in de eerste maanden na de geboorte)
-nystagmus bij oculaire afwijkingen (bij cataract, albinisme, toxoplasmose, prematurenretinopathie)
-congenitale nystagmus
-nystagmus bij scheelzien
-vestibulaire nystagmus (gepaard met duizeligheid)
-nystagmus bij neurologische afwijkingen

Witte pupil:
-prematurenretinopathie (vaak bij leeftijd <1 jaar)
-hyperplastisch glasvocht (bij 0-4 jaar)
-retinoblastoom (bij 0-6 jaar. Familie met retinoblastoom)
-congenitaal cataract
-oculaire toxoplasmose

Jeukende ogen:
-hooikoorts
-allergie
-medicijnen (neomycine, chlooramfenicol, adrenaline glaucoomdruppels)

Beelden zien die er niet zijn:
-migraine
-hallucinaties
-medicijnen
-maculadegeneratie of andere oogafwijkingen
-Bonnet syndroom


Afkortingenlijst gebruikt in de oogheelkunde:
AMD: exsudatieve maculadegeneratie
ATOD: aplanatie tonometrie oculus dextra
ATOS: aplanatie tonometrie oculus sinistra
C.: cilindrisch
C3F8: gas dat wordt gebruikt om het oog op spanning te houden als er glasvocht wordt verwijderd
CV: corpus vitreum (glasachtig lichaam)
D.: distance (afstand vanaf het oog tot de kaart waarop nog net de 20/20 letters gelezen kunnen worden)
DCR: Dacryo Cysto Rhinostomie (traanwegoperatie)
DRP: Diabetische Retinopathie
ECLE: Extra Capsulaire Lens Extractie
EOG: Electro OculoGram
ERG: Electro RetinoGram
FAG: Fluorescentie AngioGrafie
FODS: Fundoscopie oculus dextram/sinistram
GV: gezichtsveld
ICLE: Intra Capsulaire Lens Extractie
IOL: Intra Oculaire lens
LP: Lichtperceptie
LPK: Lamellaire Kerato Plastiek
LTP: Laser TrabeculoPlastiek
m.e.c.: met eigen correctie
MMC: mitolycine c
OCT: optical coherence tonogram (door de terugkaatsing van infrarood te meten, kan een doorsnedeplaatje worden gevormd van de retina. Hierdoor kunnen gaten, zwellingen en andere afwijkingen visueel worden weergegeven)
OD: oculus dexter (rechter oog)
OS: oculus sinister (linker oog)
PEA: pigmentepitheelalteraties in de retina
PHACO: Phaco-empulsificatie
PI: perifere iridectomie
PKP: perforerende kerato plastiek
POAG: primair open kamerhoek glaucoom
PPV: pars plana vitrectomie
S.:sferisch
Sten. op. : stenopeische opening
TE: trabeculectomie
TOD: tonus oculus dextra
TODS: oogdruk rechter/linker oog. a: applanatoir, nc: non-contact, p: palpatoir
TOS: tonus oculus sinistra
VEP: visual evoked potential
VOD: visus oculus dextra
VOK: voorste oogkamer. c: cellen, T: Tyndall
VOS: visus oculus sinistra
Z.c.: zonder correctie


Lijst met enkele oogheekundige begrippen:
Psuedophakie: oog met implantaatlens
Afakie: oog zonder lens
Drusen: gelige of witte verhevenheden in de fundus. Normaal voor gevorderde leeftijd als het er enkele zijn, verdacht voor begin maculadegeneratie indien het er meerdere in de macula zijn
Ablatio retinae - netvliesloslating. Er is glasvocht tussen het neuro-epitheel en het pigmentblad. Risicofactoren: myopie, pseudo- en afakie, stomp- penetrerend trauma. Klachten: vooraf lichtflitsen, donkere vlokjes (mouches volants = bloedingen in het glasvocht), blindheid. Behandeling: sluiten van de scheuren, aanleggen van een cerclageband, eventueel draineren van subretinaal vocht.
Amblyopie - een visusdaling aan een oog, die niet met een bril te corrigeren is en waarvoor geen organische verklaring te vinden is. Vaak komt het door strabisme. Komt bij 3-5% vd bevolking voor. Onderzoek: lichtreflex, volgbewegingen, afdektest, Bruckner-test, beoordelen van de optische media met behulp van doorvallend licht.
Ametropie - als het brandpunt niet op het netvlies valt. Myopie (bijziendheid, brandpunt voor het netvlies), Hypermetroop (verziend, brandpunt achter het netvlies).
Animetropie - als een oog positief en een oog negatief ametroop is.
Aniridie - de iris is geheel verloren gegaan
Anisocorie - de linker en rechter pupil verschillen in grootte. Oorzaken voor een vernauwde pupil: iritis, oogdruppels, morfine, Argyll Robertson-pupil (door syfilis), Horner, fysiologisch. Verwijde pupil: ruptuur msphincter pupillae, atropine, adrenaline, parese n.oculomotorius, tonische pupil van Adie (chronische neurologische aandoening).
Anisometropie - verschil in refractie tussen beide ogen. Bij erg grote verschillen heet het aniseicinie.
Arcus lipoides - ringvormige hoornvliestroebeling. Komt voor bij vetwisselingsstoornissen. Tussen de perifere rand van de troebeling en de limbus is altijd een ring van helder hoornvlies.
Arcus senilis - een paralel aan de limbus verlopende ringvormige hoornvliestroebeling. Onschuldig. Komt bij 60% van de >60 jarigen voor.
Astigmatisme - de brekende kracht van de lens niet in alle meridianen gelijk is. Het systeem heeft geen brandpunt.
Blefaritis - ontsteking van de ooglidranden, meestal uitgaande van de kliertjes van Meibom. Oorzaak: stafylokok. Klachten: geprikkeld oog, veel debris, schilfertjes tussen de cilia, soms verlies van cilia (madarose). Behandeling: antibiotica enkele weken.
Blefarofimosesyndroom - autosomaal dominant. Bilaterale ptosis, telecanthus, horizontaal kleine lidspleet, epicanthus inversus.
Blefarospasme - bilateraal onvrijwillige contracties van de m.orbicularis oculi, de m.procerus, mm.corrugatores, waardoor de ogen steeds gesloten worden.
Blepharoptosis - ofwel ptosi. Een ooglid hangt lager dan normaal. Kan aangeboren zijn (vettige dystrofie vd m.levato), verworven (door desinsertie van de aponeurose; nIII parese, sympathicuslaesie, myastenia gravis, tumor, verlidtekening)
Blikrichtingnystagmus – een nystagmus die ontstaat naar het kijken naar opzij, naar boven/onder. Hij neemt toe naarmate de blik meer naar lateraal staat. Pathologisch. Centrale origine, alcohol kan het ook veroorzaken. Onvermoeibaar.
Boogminuut - de hoek tussen 2 punten die een oog nog net kan zien. 1/60 van een graad
Capillair hemangioom - goedaardige endotheelproliferatie. Verschrompeld op volwassen leeftijd. Het gezwel leid tot ptosis en soms tot amblyopie.
Cataract - staar. Troebelingen in de lens die leiden tot lichtverstrooiing, visusdaling en blindheid. Oorzaken: ouderdom, trauma, congenitaal (rubella, toxoplasmose), syndromaal, door bestraling, door stofwisselingsziekte. Behandeling is bij een visus van 0,3 lensextractie (extracapsulair of intracapsulair). Complicaties van behandeling zijn nastaarbloedingen, infecties, endoftalmitis, kapselruptuur, glasvochtverlies, luxatie van lensfragmenten, glaucoom, verplaatsing van de kunstlens, cornea-oedeem, cystoid macula oedeem, wondproblemen. (zie hieronder verder)
Cataract senilis - bij ouderen. Door een lokale stoornis van de lensstofwisseling. Drie meest voorkomende vormen zijn: spakencataract, kerncataract en het cataract van de achterste schors
Cataracta traumatica – cataract na een trauma. Geeft eerst cataract van de achterste schors die later uitgroeit tot een matuur cataract.
Cataracta complicata - door chroniche iridocyclitis of door langdurig gebruik van prednison, stofwisselingsziekten, bestraling met infrarood of rontgen of onderdeel van een syndroom.
Cataracta congenita - door infectieziekten als rubella of toxoplasmose
Caveneus hemangioom - goedafgekapselde vaattumor. Proptosis, soms striae in fundo. Chirurchische verwijdering.
Cellulitis orbitae - orbitaflegmone. Diffuse ontsteking in het orbitale vet- en bindweefsel. Bij een preseptale cellulitis is alleen het ooglid aangedaan, bij een retroseptale cellulits is er proptosis, gestoorde motiliteit met dubbelbeelden en pijn. Koorts en verhoogde bezinking. Bij uitbreiding visusstoornissen, swinging-flashlight positief, dreigende blindheid. Meningitis of sinus cavenosus trombose kunnen ook optreden. Oorzaak: uitbreiding van een sinusitis, een fractuur of een corpus alienum. Verwekkers: staphylococcus, Streptococcus, Haemophilus influenzae. Behandeling: ziekenhuisopname en intraveneus breedspectrumantibioticum.
Chalazion - ontstekingsgranuloom dat uitgaat van een verstopte afvoergang van een kliertje van Meibom. Klachten: zwelling. Behandeling: excochleren.
Chemosis - oedeem van de conjunctivae
Choridearuptuur - de choroidea is wel, maar de sclera is niet gescheurd.
Coloboom van de iris - aan de onderkant van de iris ontbreekt een stukje pupil aan de nasale zijde. Door een embryonaal sluitingsdefect. Wanneer het zich uitbreid tot de choridea, ontstaan gezichtsveld en visus beperkingen.
Concomitterend strabismus - heeft een scheelzienhoek die in alle richtingen nagenoeg gelijk is.
Confrontatiemethode volgens Donders – onderzoek naar het gezichtveld, waarbij de patiënt gevraagd wordt wanneer hij de hand van de onderzoeker ziet.
Congenitaal glaucoom - er is een buphthalmus zichtbaar (grote ogen en ook grote cornea en asymetrisch van grootte, cornea kan dof of grijs zijn), lichtgevoeligheid, tranende ogen. Behandeling: klieven van persisterend embryonaal weefsel in de kamerhoek, anders filteroperatie.
Conjuctivitis - ontsteking van het bindvlies van het oog. Symptomen: rood oog, branderig gevoel, afscheiding, weinig pijn, jeuk, tranenvloed. Oorzaken: irritatie, bacterieel, virussen (geven waterig exudaat zonder jeuk), allergie (geeft waterig exudaat met jeuk), traanfunctiestoornissen, blefaritis (door stafylokokken). Behandeling: bij irritatie: verwijderen corpus alienum, oogzalf, oogverband, verwijderen contactlenzen, behandeling van een en- of ectropion, zonnebril bij te veel UV, lasbril bij lasogen. Bacterieel: reiniging met water, behalve bij stafylokokken, gonokokken, Chlamidia waarbij antibiotica. Viraal: niets, verwijzen bij hrpes simplex. Allergie: decongestiva, cromoglicaat, antihistaminica.
Contusie vh oog - traumatisch contact met een stomp voorwerp. Klachten: lichtschuwheid, tranen, blefarospasme, pijn, de visus kan gedaald zijn. Behandeling: indien visus normaal en goede pupilreacties conservatief behandelen, homatropine, eventueel occlusie en met beprking van de lichaamsactivieit
Deprivatie amblyopie - visusdaling aan een oog door congenitale mediatroebelingen en anisometropie
Dermatochalasis - de huid van het ooglid is te ruim en hangt af. Behandeling: excisie van overtollige huid.
Diabetes mellitus - geeft retinopathie, hoornvliesafwijkingen, cataract, glaucoom, opticusatrofie. Bij DM type 2 moet er direct na het ontdekken van de ziekte gescreend worden op oogafwijkingen. Bij type 1 is de kans binnen de eerste 5 jaar veel kleiner. Bij beide is er op den duur een heel grote kans op afwijkingen.
Directe fundoscopie – hiermee wordt de fundus van het oog bekeken
Distichiasis - een of meer rijen ooghaartjes bij de uitmondingen van de kliertjes van Meibom aanwezig zijn. Klachten: rood, geirriteerd, tranend oog.
Donkeradaptatie - in het donker werken vooral de staafjes. Deze produceren rodopsine. Bij de lichtadaptatie wordt het rodopsine afgebroken binnen 3-10 minuten. Daarmee is lichtadaptatie sneller dan donkeradaptatie
Doorvallend licht oogonderzoek – hiermee wordt de media helderheid bekeken.
Ectropion - de twee lamellen van het ooglid zijn ten opzichte van elkaar verschoven. De conjunctiva is vanaf buitenaf zichtbaar (naar buiten gekeerd)
Entropion - de twee lamellen van het ooglid zijn ten opzichte van elkaar verschoven. De cilia zijn naar de cornea gericht.
Episcleritis - rood-blauwe (paarsrood) verkleuring van het oogwit in een segment (vaak lateraal). Oog pijnlijk bij aanraken. Kan bij rheumatoide artritis. Geeft risico op perforatie oogbol. Behandeling door corticosetroid-druppels. Bij localisatie op de cornea doorverwijzen.
Galucoom - chronisch progressieve anterieure opticusneuropathie met een excavatie van de papil en gezichtsuitval. Risicofactoren: verhoogde intraoculaire druk, positieve familieanamnese, myopie vn meer dan 6D, hart- en vaatziekten, stoornissen in de doorbloeding van de oogzenuw, DM, negroide ras, ouder leeftijd. Onderverdeling in openkamerhoekglaucoom, geslotenkamerhoekglaucoom en congenitaal glaucoom. Diagnose: combinatie oogdrukmeting, fundoscopie en gezichtsveldonderzoek.
Glioom van de n.opticus - een astrocytoom, geisoleerd of als onderdeel van de ziekte van Von Recklinghausen. Langzame groei.
Goldmann perimeter – gezichtveldonderzoek. De patiënt moet aangeven wanneer hij een lichtpunt op een raster ziet verschijnen.
Graves - autoimmuunziekte. Kan voorkomen in de schildklier, ogen en benen. Klachten: brannde ogen, lichtschuwheid, tranen, moeite met kijken, dubbelzien, bewegen met ogen is pijnlijk, exophtalmus, wallen onder de ogen. Behandeling: zonnebril, bij ernstige Graves prednison en/of laaggradige radiotherapie. Oogkas kan worden vergroot.
Heterochromie - verschil in kleur tussen de linker en de rechter iris.
Hordeolum - acute ontsteking van een kliertje van Zeiss (h.externum) of van Meibom (h.internum). Oorzaak: stafylokok. Klachten: pijn. Behandeling: geneest vanzelf, of eventueel warme kompressen en topicale antibiotica.
Hypertelorisme - de oogkassen staan wijd uit elkaar, waarbij de indruk wordt gewekt dat er sprake is van een strabisme, hoewel de reflexbeeldjes recht staan.
Hyposphagma - is subconjunctivale bloeding. Egaal, lakrood, niet pijnlijk. Meestal spontaan. Behoeft geen behandeling. Behalve als het vaak recidiveert, dan kijken naar verhoogde bloedingsneiging.
Iridodialyse - afscheuring van de iris basis.
Jaw winking syndroom van Marcus Gunn - ptosis in rust, maar bij kauwen opent het oog. Dit door misrouting van de innerverende zenuwvezels.
Kaart van Amsler – gezichtveldonderzoek aan de hand van een kaart met een hokjespatroon. Als een deel niet recht wordt gezien, maar bibberig, dan is er een gezichtveldafwijking.
Keratitis - ontsteking van het hoornvlies. Oorzaken: virus (herpes simplex), bacterie, schimmel, amoebe. Klachten: pijn, daling van de gezichtsscherpte, lichtschuwheid, halo's, tranen, rood oog. Diagnose: fluoresceineproef. Bij herpes een boomtakvormig defect en minder gevoelig hoornvlies. Behandeling: antibiotica, verwijzing nar de oogarts. Bij herpes veegt hij met een wattenstokje zo veel mogelijk herpes geinfecteerde epitheelcellen weg en daarna acycloguanosine-zalf of trifluorthymidine-oogdruppels. Geen corticosteroiden
Keratoconus - het hoonvlies krijgt een puntige vorm. Progressief. Vaker bij Down. Klachten: verminderde gezichtsscherpte, soms lichtschuwheid. Behandeling: harde contactlenzen, corneatransplantatie.
Lagophthalmus - het oog kan zich onvoldoende sluiten. Klachten: branderige, rode, tranende ogen. Behandeling: operatieve verwijdering van littekenweefsel, verlenging van de retractoren. Bij een facialisparese traanvervangende middelen en een buisje van Jons (uitgesneden traanbuis).
LASIK - laser-in-situ-keratomileusis. Hierbij wordt een plakje hoornvlies mechanisch bijna helemaal afgeschaaft en daarna als opengeklapt. Daarna wordt het wondbed met de laser aangepast en de flap weer dicht geklapt. Complicaties: onder/overcorrectie, onregelmatige snede, astigmatisme, droge ogen, cyste door hoornvliescellen onder de flap.
Latent convergent schelzien - bij de alternerende afdektest treed een herselbeweging op van binnen naar buiten (=esoforie)
Latent divergent scheelzien - bij de alternerende afdekproef treed een herselbeweging op van buiten naar binnen (=exoforie)
Leber-opticusatrofie - erfelijke opticusatrofie. Ontstaat rond 20-30 jaar. Overerving via mitochondriaal DNA. Komt voor bij 80% vd zonen en 15% vd dochters.
Letterkaart van Snellen - hierbij wordt de visus getest. Iedere letter bestaat uit blokjes van enkele boogminuten. De patient moet 5-6 meter van de kaart af staan om accomodatie te voorkomen.
Limbus – de overgang van de sclera naar de cornea
Macula lutea - bevat de grootste dichtheid in staafjes en kegeltjes
Maculadegeneratie - slijtageproces van de macula lutea. Centrale gezichtscherpte en kleurenzien aangetast en gaan uiteindelijk totaal verloren, maar niet blind. Oorzaken: oudere leeftijd, erfelijk, Stargardt, DM, trauma, intoxicatie (chloroquine), lichtschade, hoge bijziendheid. Soorten: droge (multiple puntvormige ophopingen van vetten en cellulaire afvalstoffen in de macula), natte (angioneogenese in macula). Klachten: verminderde/ontbrekende centrale zicht (bij droge geleidelijk, bij natte na enkele dagen), hinderlijke nabeelden, metamorfopsie. Behandeling: voor droge bestaat er geen, voor natte laserbehandeling, fotodynamische therapie.
Manifest strabisme convergens - bij de afdektest wordt een instelbeweging gezien van nasaal naar temporaal (binnen naar buiten = esotropie)
Manifest strabisme divergens- bij de afdektest wordt een instelbeweging gezien van temporaal naar nasaal (van buiten naar binnen = exotrope)
Meningeoom van de orbita - gaat uit van de meningen van het sfenoid of van de n.opticus. Groeit langzaam en geeft proptosis en blindheid. Slechte prognose.
Metamorforpsie - beeldvervorming
Migraine - eenzijdige hevige hoofdpijn, misselijkheid, braken, stemmingsveranderingen, lichtschitteringen, wazig zien, gezichtsvelddefecten gedruende 15-30 minuten. Behandeling: metoclopramide of domperidon.
Myopi gravior - Verdunning van de sclera en retina door en relatieve uitrekking van de oogbol. Atrofie vd gele vlek, geleidelijke visusdaling, steeds stekere bijziende bril nodig, op de fundus een myope sikkel langs de papil, gele achterpool. Geeft risico op netvliesloslating, bloeding in de gele vlek door subretinale neovascularisatie, normaledrukglaucoom.
Neuritis retrobulbaris - is onderdeel van multiple sclerose. Hierbij treed demyelinisatie op van de n.opticus. Klachten: vrij acuut slechtzien, lichte pijn bij oogbewegingen, leesklachten, dubbelzien. De visus beperkt tot 1/60 of uitsluitend lichtperceptie. Een centraal scotoom (=zwarte vlek) of geen gezichtsveld. Diagnose: MRI, visual evoked potential. Behandeling: meestal herstelt de visus zich spontaan, eventueel sneller met corticosteroiden. Intensieve sporten, warme baden, koorts vermijden.
Neurofibromatose - autosomala dominante ziekte. Pulserende proptosis, café-au-lait-vlekken en neurofibromen. Deze zijn proliferaties van Swann-cellen, die zich als cutane tumoren of als diffuse infiltraties, of als plexiforme laesies voordoen.
Neurofobromatose - oogafwijkingen door druk van neurofibromen op het oog/oogkas/n.opticus. Klachten: slechtziendheid, bolle ogen, dubbelzien. Fibromen op de huid, café-au-lait vlekken (meestal op de rug), kleine fibromen op de iris (Lisch-noduli). Behandeling: excisie fibromen als de visus bedreigd wordt.
Niet proliferatieve diabetische retinopathie - veneuze dilatatie, microaneurysmata, intraretinale bloedingen, harde exudaten, oedeem, op den duur occlusie vd vaten in het maculagebied. Klachten zijn gering
Niet-concomitterend strabismus - het scheelzien is afhanekelijk van de stand van de ogen. Dit is vaak het geval bij een paralytisch strabisme.
Nystagmus pathologische - congenitale verworven pendelnystagmus (de nystagmus neemt toe bij aandachtig fixatie. Geen duizeligheid of oscilopsie. Oorzaak: stoornis in het visuel systeem, bijv. Albinisme en cataract), congenitale familiaire nystagmus (pendelvorm, wordt op den duur minder, blijft horizontaal), verworven nystagmus (kan horizontaal en verticaal zijn en duid op een stoornis van de hersenstam en/of het cerbellum. Hierbij wel oscilopsie.
Oog - van buiten naar binnen: cornea, oogkamer, pupil, oogkamer, lens, corpus vitreum, retina
Oogdruk verlagende oogdruppels - parasympathicomimetica (bijwerkingen: pupilvernauwing, acoomodatiespasme, hoofdpijn), sympathicolytica (remmen de kamerwaterproductie zonder de pupilgrootte te beinvloeden. Bijwerkingen: oogirritatie, verminderde traansecretie, cornea-anesthesie, droge ogen, sporadisch keratitis punctata met totale corneale anesthesie), sympathicomimetica (bevorderen de afvloed van kamerwater via het trabekelsysteem en remmen de aanmaak van kamerwater. Bijwerkingen: irritatie, pijn, corneabeschadigingen, rood oog), prostaglandineagonisten ( bevorderen de uveosclerale kamerwaterafvoer. Bijwerkingen: irreversibele verkleuring van de iris, versterkte wimpergroei), koolzuuranhydraseremmers (reduceren de productie van kamerwater. Bijwerkingen: branderingheid, conjuctivale roodheid, keratitis punctata, bittere smaak)
Openkamerhoekglaucoom - de weersand voor het kamerwater ligt ter hoogte van het trabekelsysteem of verder in het afvoertraject. Klachten: tot in gevorderde stadia vaak geen klachten. Uitval begint in de mid-periferie (onopgemerkt), uiteindelijk kokerzien. Behandeling: daling van de intraoculaire druk door niet selectieve beta-blokkers en andere oogdruppels met hetzelfde effect, lasertherapie, filtrerende chirurgie (trabeculectomie). Subtypen zijn primair openkamerhoekglaucoom (normaldrukglaucoom, oculaire hypertensie), secundaire openkamerhoekglaucoom. Geslotenkamerhoekglaucoom - voorste kamerhoek vernauwd waardoor het kamerwater moeilijker het trabekelsysteem kan bereiken. Klachten: pijn aan in en om het oog, zeer lage visus, er worden halo's rond lichtbronnen gezien, roodheid oog, middelwijde lichtstijve pupil, misselijkheid, braken. Behandeling: druppel timolol en een tablet Diamox, laser of chirurgische iridectomie. Subtypen zijn primair geslotenkamerhoekglaucoom (acuut glaucoom, chronisch of intermitterend geslotenkamerhoekglaucoom), secundair geslotenkamerhoekglaucoom.
Ophthalmica, arteria - voorziet de retina van bloed
Opvallend licht oogonderzoek – hiermee wordt het uitwendige oog geïnspecteerd en ook de voorste oogkamer
Orbitavarix - pathologisch gedilateerd veneus weefsel. Bij persen zwelt het op en geeft het exofthalmie. In rust endoftalmie.
Orthoptist – een paramedicus die de oogstand, de samenwerking tussen beide ogen en de ontwikkeling van het zien bestudeert.
Phthisis bulbi - het schrompelen van de oogbol. Komt bij loogetsing voor
Pinguecula - grijsgele verhevenheid van de conjunctiva eerst aan de nasale zijde van de cornea, later aan de temporale. Behandeling: niet nodig.
PKR - eximer-laserbehandeling. Verwijdering van een laagje hoornvlies van het oppervlakte. Beloop: eerst slechtere visus, halo's. Complicaties: over/ondercorrectie (5% vd gevallen), littekenvorming (1%), irreglulair hoornvliesastigmatisme (1%)
Prematurenretinopathie - een te hoge of te lage zuurstofsaturatie, of fluctuatis hierin, remmen de uitgroei van retinale vaten en stimmuleren neovascularisatie. Hoe korter de zwangerscap heeft geduurt, hoe groter de kans hierop. Behandeling: stadium 1-2 gaan meestal in regressie, voor hogere stadia laser- of cryocoagulatie.
Presbyacusis - minder plastische lens door ouderdom. Voorwepen op 30 cm worden niet meer scherp gezien. Is hetzelfde als ouderdomsslechthorendheid.
Presbyopie - het accomodatievermogen neemt in de loop van de leeftijd af door het minder plastisch worden van de lens. Het meest nabij gelegen punt wat scherp gezien wordt, komt steeds verder van het oog af te liggen. Mensen met een sterke myopie hebben hier geen last van en hypermetropie wordt verergerd.
Primaire geurstoffen - hiervan zijn er minimaal 50
Prismatest – om het binoculair zien te testen.
Proliferatieve diabetische retinopathie - geeft occlusie van de vaten en een bloeding in de glasvochtruimte, waardoor acuute blindheid en slechtziendheid optreed. Vaatnieuwvorming op de retina, papil en iris. Netvliesloslating en neovascularisatie-glaucoom.
Pseudo-convergent strabisme - door een brede neusrug, al of niet gecombineerd mete een epicanthus
Pseudo-pterygium - komt voor bij etsing. Onderscheid zich van het pterygium door een andere localisatie van de limbus en dat men een glasstaafje gedeeltelijk onder de conjunctivaplooi kan schuiven.
Pterygium - er groeit een driehoekige plooi van de conjunctiva onder het epitheel van de cornea door, in de richting van het centrum van de cornea. Oorzaak: degeneratief proces in de conjunctiva. Behandeling: operatief als er visus vermindering is.
Pupilverwijkdende oogdruppels - bijwerkingen: acuut glaucoom (1:3400 en vooral bij hypermetrope patienten), visus vermindering, accomodatieklachten. Bij de parasympathicolytica soms toename van de polsdruk, tachycardie, hartkloppingen, arytmieen, koorts, hallucinatie, droge mond. Bij de sympathicomimetica soms acute bloeddrukstijging, ectopische prikkelvorming, slapeloosheid, opwinding, hoofdpijn, duizeligheid, extrasystolen, cerebrovasculaire accidenten.
Rabdomyosarcoom - maligene mesotheliale tumor bij kinderen. Groeit heel snel en doet aan een ontsteking denken. Geeft proptosis (=exophthalmus). Behandeling cytostatica, radiotherapie bij recidieven. Vijfjaarsovrleving 90%.
Recruitment - op audiogram. Geeft aan dat het dynamisch bereik is afgenomen. Bij toename van de geluidsintensiteit wordt dit sneller als onprettig ervaren dan bij gewoon gehoor. Er is cochleair gehoorverlies
Retinitis pigmentosa - nachblindheid, progressief gezichtsvelduitval met uiteindelijk kokerzien. Kleurzienafwijkingen, nachtblindheid, concentrische gezichtsveldbeperkingen. Is erfelijk. De kans op overdracht is tussen de 1-50%. Bestaat een autosomaal recessieve variant (30%), een autosomaal dominante (20%), een X-chromosomaal recessieve (10%) en een sporadische (40%).
Retinoblastoom - er zijn twee mutaties nodig voor het ontstaan vn deze kanker. Er is een endofytische (ontstaat in de binnenste lagen vh netvlies en groeit in het glasvocht) en exofytische variant (begint in buitenste laag, veroorzaakt netvliesloslating). Er is een erfelijke en een sporadische variant. Bij de erfelijke variant is er een kans van 90% dat de kanker unilateraal ontstaat en 81% dat hij in beide ogen ontstaat. Bilateraal is altijd erfelijk. Geeft ook kans op tumoren elkders in het lichaam. Erft autosomaal dominat over met een gereduceerde penetrantie. Klachten: kattenoog, strabisme, rood, pijnlijk, uveitis anterior.
Strabisme - scheelzien. Gaat op de kinderleeftijd vaak gepaard met een lui oog. Als het bij volwassenen ontstaat geeft het dubbelbeelden, maar geen amblyopie meer.
Suppressie amblyopie - visusdaling aan een oog door strabisme
Symblepharon - het vastgroeien van de oogleden aan de oogbol. Komt bij loogetsing voor
Thermische schade oog - geven visusklachten, pijn, tranen. Behandeling: antibiotoca en oogplastiek bij verbranding, bij corneaoedeem na bevriezing corticosteroid druppels.
Torticollis – dwangstand van het hoofd, die wordt aangenomen ter compensatie van dubbelzien, verbeteren van binoculair zien, dubbelzijdige ptosis of ter compensatie van een nystagmus.
Trichiasis - een of meer ooghaartjes staan naar de cornea gedraaid. Klachten: rood, geirriteerd, tranend oog.
Uveamelanoom - kwaadaardige tumor. Klachten: verlies van visus, lichtflitsen, gezichtsvelduitval, Geen pijn en roodheid.
Uveitis - verzamelnaam voor ontstekingen in de iris, het corpus ciliare en de choroidea. Geeft in 5% blindheid. Bij 30% vd patienten is er ook een systeemziekte. Anterieure uveitis: iritis, posterieure uveitis: choroiditis, inetrmediaire uveitis: hyalitis (vitrinitis) en pars planitis, panuveitis: endoftalmitis. Oorzaken: toxoplasmose, sarcoidose, herpes zoster, cytomegalievirus, tekenbeet, postoperatief, juveniel reuma, reumatoide artritis. Symptomen: diepe pijn, fotofobie, roodheid, verminderde visus (door Descement-stippen of een hypopyon). Een hypopyon is een directe bedreiging. Diagnose: miosis, verkleving vd iris met de lens (onregelmatige pupil). Behandeling: corticosteroiddruppels, atropine, specifieke antibiotica. Complicaties: glaucoom, cataract, slechtziendheid.
Xanthelasmata - geelbruine, vlakke opeenhopingen van met lipiden beladen macrofagen, vooral op het mediale deel van de boven- of onderooglid. Behandeling: excisie of Co2 laserbehndeling, maar grote recidifkans.


 

Terug naar hoofdpagina <<


Warning: include(/home/sites/encymed.com/public_html//vraagje/comment.php) [function.include]: failed to open stream: No such file or directory in /var/www/qb101211/data/www/encymed.com/ency_nl/o/include.php on line 11

Warning: include() [function.include]: Failed opening '/home/sites/encymed.com/public_html//vraagje/comment.php' for inclusion (include_path='.:/usr/share/pear/') in /var/www/qb101211/data/www/encymed.com/ency_nl/o/include.php on line 11