Inhoud op alfabetische volgorde:

A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z

Terug naar EncyMed


ECG (electro cardiogram)

definitie: registratie van de electrische activiteit van de hartspier

Oorzaken:


Verschijnselen:


Diagnostiek:
Plaatsing van de electrodes volgens onderstaand schema:
ecg

Beoordeling van ECG volgens dit schema (zie extra uitleg en interpretatie bij "Extra informatie"):
1. Wat is de hartfrequentie?
Het aantal R-R intervallen binnen 3 seconden (15 grote hokjes) X 20. Normaal 60-100 slagen/min.
Andere methode:
Kies een R top die op een dikke lijn valt. Tel die niet mee. De volgende dikke lijn is 300, dan 150, dan 100, dan 75, dan 60. Als de volgende R top dus op de volgende lijn valt is de frequentie 300, als hij ergens tussen de 2de en 3de lijn valt zit de frequentie tussen de 150 en 100/min.

2. Is er een regelmatig ritme? (R-R afstand is telkens gelijk)

3. Bij een bradycardie (te trage hartfrequentie):
I is er een sinusritme? (P gevolgd door QRS)
Is er een escape ritme van atrium of AV-knoop? (normaal QRS met frequentie 50/min)
Is er een escape ritme van de ventrikel? (abnormale QRS en ritme 30)

4. Bij een tachycardie (te snelle hartfrequentie):
Regulair:
-sinus tachycardie
-re-entry tachycardie
-atriale tachycardie
-boezem flutter (met zaagtand fenomeen of vrij rechte lijn)
-paroxysmale supra ventriculaire tachycardie

Irregulair:
-atrium fibrilleren
-multifocaal atriaal ritme

5. Hoe functioneert het "elektrische systeem" van het hart?
a. Functionele sinusknoop? (normale P toppen)
b. Functionele AV knoop? (elke P gevolgd door een QRS. P-R tijd < 0,2 sec)
c. Functionele bundeltakken
-QRS in V1 >0,12 sec + de laatste activiteit van QRS in V1 naar beneden --> linker bundeltakblok
-QRS in V1 >0,12 sec + de laatste activiteit van QRS in V1 naar boven --> rechter bundeltakblok

6. Is de hartas normaal (normaal tussen de -30 en +90 graden)?
Normaal is R in II het hoogst en in aVR negatief.
Indien R in III groter is dan de R in I, dan is er rechtsdeviatie van het hart (AVF komt dan overeen met V5-6 en S in I dieper is dan S in III).
Indien R in I groter is dan R in III, dan is er linksdeviatie van het hart (AVL komt overeen met V6, S in III is dieper dan S in I)

Andere benadering:
Diepe S in I en AVF: extreme rechter as draaiing
Diepe S in I en R in AVF: rechter as draaiing
R in I en diepe S in AVF: linker as draaiing
R in I en R in AVF: normale as
Combineer dit met:

Linker asdraaiing:
0 graden: AVF nagenoeg isoelectrisch
-30 graden: II nagenoeg isoelectrisch
-60 graden: AVR nagenoeg isoelectrisch
-90 graden: I nagenoeg isoelectrisch

Normale as:
0 graden: AVF nagenoeg isoelectrisch
+30 graden: III nagenoeg isoelectrisch
+60 graden: AVL nagenoeg isoelectrisch
+90 graden: I nagenoeg isoelectrisch

Extreme rechtsdraaiing:
-90 graden: I nagenoeg isoelectrisch
-120 graden: AVL nagenoeg isoelectrisch
-150 graden: III nagenoeg isoelectrisch
-180 graden: AVF nagenoeg isoelectrisch

Rechter asdraaiing:
+90 graden: I nagenoeg isoelectrisch
+120 graden: AVR nagenoeg isoelectrisch
+150 graden: II nagenoeg isoelectrisch
+180 graden: AVF nagenoeg isoelectrisch



7. Is het QRS complex normaal?
Een breed QRS kan van ventriculaire origine zijn. Een smal QRS is meestal supraventriculair.

8. Is er sprake van hypertrofie?
R top > S in V1 en rechter asdraai (> +90 graden) --> rechter ventrikelhypertrofie
Een van de volgende voor een linker ventrikelhypertrofie:
- R in V5 of V6 + S in V1 >35mm
- R>26 mm in V5 of V6
- R>20mm in I, II of III
- R>12mm in aVL
Bij linker kamerhypertrofie kan ook een omgekeerde asymmetrische T top voorkomen.

Een bifasische P top met een prominente eerste component (top) past bij een rechter boezemhypertrofie.
Een bifasische P top met een prominente tweede component (dal) past bij een linker boezemhypertrofie.

9. Is er sprake van infarcering?
Pathologische Q (zie verder)
Pathologische T toppen (nagatieve T bij positief QRS, heel spitse of assymmetrische T toppen)
ST-segment depressies/elevaties
Achterwandinfarct: hoge R in V1 en V2, mogelijk Q in V6, spiegelproef doen (ecg omdraaien)
Onderwandinfarct: Q in II, III en AVF
Lateraal infarct: Q in I en AVL
Voorwandinfarct: Q in V1, V2, V3 of V4

Cave! Een normaal ECG sluit ernstige hartziekte niet uit.

Behandeling:


Controle:


Extra informatie:
Op het ecg papier is 1 klein hokje 1mm en komt overeen met 0,04 seconden (afstand tussen de dikkere lijnen is 5mm en dus 0,2 seconden).

ecg

Hierboven staat schematisch aangeduid waar een normaal ecg uit is opgebouwd.

P top - resultaat van depolarisatie van de boezems. Niet hoger dan 2,5mm (in II en/of III) en niet langer dan 0,12 sec. Is positief in II en AVF en bifasisch in V1.
Hypertrofie rechterboezem: hoge en spitse P top
Hypertrofie linkerboezem: brede P top met inkeping
Boezemfibrilleren: fijne onregelmatige lijn
Boezemfladderen: zaagtandpatroon

PQ interval: normaal 120-200ms breed

QRS complex - resultaat van de ventrikeldepolarisatie. 60-100ms breed.
Linker bundeltakblok: QRS > 0,12
Rechter ventrikel hypertrofie: hoge R in V1
Linker ventrikel hypertrofie: hoge R in V6

QRS interval: 80-100 ( 2 kleine hokjes) is normaal. Bij > 100 is er sprake van een bundeltakblok

Q - mag niet langer duren dan 0,04 sec (1mm) en niet dieper zijn dan 2mm en niet dieper dan 1/3 van de hoogte van het QRS complex. Anders is er sprake van een pathologische Q.

QT-tijd: is normaal 390-450ms (gecorrigeerd naar frequentie. De gecorrigeerde QT-tijd wordt berekend via: (absolute QT tijd)/(wortel van RR in seconden))
Bij een te korte QT-tijd kan sprake zijn van het Short QT-time syndrome.
Bij een te lange QT-tijd kunnen er meerdere oorzaken zijn zoals een electrolyt stoornis

R-top neem toe in grote van V1 naar V5.

ST-segment - segment tussen het einde van de ventrikeldepolarisatie en de repolarisatie. 0,14-0,16 seconden breed.
Myocardinfarct: elevatie of depressie van het ST segment
Coronaire insufficientie:
Pericarditis:
Hypokaliemie:
Digitalis: ST depressie
Chinidine:
Ventrikelhypertrofie:
Extrasystolen:
Bundeltakblok:
Ventrikulaire tachycardie:

T top - resultaat van de ventrikelrepolarisatie. Moet in afleiding I minstens 1 mm hoog zijn. Is positief, behalve in III, aVr, V1, V2.

U golf - resultaat van een napotentiaal. Meestal heel klein of niet zichtbaar. Indien groot, kan het duiden op hypokaliemie of hartvergroting

 


ECG
Uitleg bovenstaand plaatje (dit is trouwens ook een super website: bem.fi)
A - Normaal ECG

B - Hypertrofie van de rechter ventrikel. Hoge R in V1, V2. Diepe S in I, V5, V6.

C - Hypertrofie van de linker ventrikel. Diepe S in V1, V2. Hoge R in I, V5, V6. In V1 een diepe S samen met een positieve T. In V6 hoge R met negatieve T.

D - Rechter bundeltakblok. QRS breder dan 0,12 sec. Grootste QRS uitslag negatief in I en linker-borstwand afleidingen, positief in rechter-borstwand afleidingen. P en P-R interval normaal. RSR' (dubbele R top) in V1.

E - Linker bundeltakblok Grootste QRS uitslag positief in I en linker-borstwand afleidingen, negatief in rechter-borstwand afleidingen. P en P-R interval normaal. RR' (R ziet er uit als een M) in V6.

F - WPW (Wolff-Parkinson-White) syndroom (impulsen passeren via een omweg de AV knoop). Een delta golf voor het QRS complex (hierdoor lijkt het QRS breder te zijn).

G - Acuut anterior infarct

H - Recent anterior infarct

I - Oud anterior infarct

J - Acuut posterio-inferior infarct

K - Recent posterior infarct

L - Oud posterior infarct

M - Digitalis gebruik

N - Hypokaliemie

O - Lichte hyperkaliemie

P - Longinfarct



Terug naar hoofdpagina <<

Comment Script

Commentaar

Naam
;-) :-) :-D :-( :-o >-( B-) :oops: :-[] :-P