Ga terug naar Hoofdpagina

Delirium

definitie:

Oorzaken:
Precieze oorzaak niet bekend. Per definitie is het een psychische stoornis die ontstaat door een lichamelijke ziekte of het gebruik van middelen.
Voorbeelden van oorzaken zijn: onthouding van middelen, intoxicatie met middelen, metabole stoornissen, immobilisatie, infecties, dehydratie, ondervoeding, blaas katheter, ernstig ziek zijn.
Duur van het delirium is meestal enkele dagen tot weken, maar kan langer blijven.

Frequentie:
Personen boven de 18: 0,4%
Personen boven de 55: 1,1%
Personen boven de 85: 13,6%

Risicofactoren:
Leeftijd>70, cognitieve stoornissen, ernstige ziekte, zicht- en gehoorstoornissen, ADL stoornissen, alcohol gebruik, gebruik opioiden.

Verschijnselen:
Er ontstaan in het verloop van de tijd steeds meer symptomen.
Er zijn ook prodromi:
-slapeloosheid
-sufheid overdag
-levendige dromen
-illusionaire vervalsingen
-korte, corrigeerbare momenten van desorientatie
-moeste met denken en concentreren
-rusteloosheid
-teruggetrokkenheid
-irritatie, angst, gespannenheid

Kernsymptomen zijn (wisselend in intensiteit. Volledige beeld treedt niet altijd op):
Bewustzijnsstoornis (gestoorde aandacht, verhoogde of verminderde alertheid)
Desorientatie (tijd, plaats en andere personen)
Geheugenstoornis (vooral kortetermijngeheugen. Wisselende amnesie. Confabulaties)
Waarnemingsstoornis (visuele (soms akoustische of haptische) dispercepties/illusionaire vervalsingen/hallucinaties)
Denkstoornis (verlies oordeelsvermogen. Niet helder/logisch kunnen denken. Verward, vertraagd of versneld denken. Achterdocht, paranoidie)
Stemming (labiel affect. Angstig, radeloos. Soms somber, geprikkeld, vijandig, inadequaat opgewekt)
Psychomotoriek (onrust, plukkerig, agressief, apathie, teruggetrokken)
Verstoord slaap-waakritme (slapeloos 's nachts, suf overdag)
Incontinentie
Tremoren, tachycardie, hypertensie, transpiratie

Complicaties:

Diagnostiek:
Volgens de DSM-IV moet er voldaan worden aan het volgende:
A. Er is sprake van een bewustzijnsstoornis met verminderd vermogen om de aandacht te concentreren, vast te houden of te verplaatsen. De stoornis vertegenwoordigd een verandering in het functioneren.
B. Ook zijn er een veranderingen in de cognitieve functie die niet beter toe te schrijven zijn aan een reeds bestaande, vastgestelde of zich ontwikkelende dementie.
C. De stoornis ontwikkelt zich in korte tijd (max. dagen) en neigt ertoe in het verloop van de dag te fluctueren.

Tests zoals de Confussion Assessment Method (CAM) en de Mini Mental State Examination (MMSE) kunnen worden ingezet.

Een delirium ontwikkelt zich snel bij een abrupte ernstige ziekte en langzaam bij een sluipende ziekte.

Behandeling:
Onderliggende ziekte behandelen
Voor het verminderen van de onrust:
-Haloperidol (0,5 tot 5 mg oraal in 2 doses bij licht tot matig ernstig delirium, 5-20 mg oraal of parenteraal in 2 doses bij ernstig delirium)
-Lorazepam toevoegen (0,5-2 mg per dag). Bij alcoholonthoudingsdelirium diazepam 10 mg rectaal of intraveneus iedere 30 min (max 100 mg); bij alcoholonthoudingsdelirium met leverfunctiestoornissen lorazepam 2 mg iedere 30 min (max 20 mg)
-Clozapine 6-50 mg per dag bij hypokinetisch rigide syndroom
-Vit B12 bij alcoholabuses of verdenking op malnutritie

Verdere maatregelen:
-vertrouwde omgeving vormen
-patient orienteren in tijd, plaats en persoon (bijv. een klok ophangen)
-kalm en geruststellend benaderen
-regelmaat
-korte zinnen gebruiken, niet te veel informatie tegelijkertijd geven
-goede observatie
-soms zijn Zweedse banden noodzakelijk om de patient tegen zichzelf te beschermen

Controle:

Extra informatie:
DD: dementie, Lewy-lichaampjesdementie, depressie
 

Terug naar hoofdpagina <<