| Inhoud op alfabetische volgorde: A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z Terug naar EncyMed |
definitie: een mineraal
Functies van calcium: mogelijk maken van prikkelgeleiding langs zenuwbanen, handhaving spiercontractiliteit, co-factor bij enzymreacties, bloedstolling, belangrijk bestanddeel van bot.
Oorzaken:
Hypercalciemie:
-hyperparathyreoidie
-vitamine D-intoxicatie
-vitamine A intoxicatie
-pseudohypercalciemie
-melk-alkali sydnroom
-sarcoidose
-hyperthyreoidie
-ziekte van Paget
-maligniteit
Hypocalciemie:
-behandeling met corticosteroiden, diuretica, anti-epileptica
-alkalose
-malabsorptie
-pseudohypoparathyreoidie
-pancreatitis
-hypoparathyreoidie
-vitamine D-deficientie
-chronische nierziekte
Hypercalciurie
-calciumrijke voeding
-hyperthyreoidie
-immobilisatie
-teveel vitamine D
Frequentie:
Risicofactoren:
Verschijnselen:
Acute hypocalciemie (bij waarden < 1.8mmol/L):
Hartritmestoornissen
Hartfalen
Hypotensie (te lage bloeddruk)
Papiloedeem (vochtophoping in de achterkant van het oog)
Epileptische aanvallen (insulten)
Bronchospasme
Laryngospasme
Paresthesieen (vooral peri-oraal en in de armen/benen)
Chronische hypocalciemie (bij waarden < 1.8mmol/L):
Ectopische calcificatie (calcium afzetting op ongebruikelijke plaatsen, zoal in de basale ganglia)
Extrapyrimidale verschijnselen
Parkinsonisme
Dementie
Subcapsulair cataract
Abnormale groei tanden
Droge huid
Hypercalciemie (bij concentraties >3mmol/L):
Obstipatie
Anorexie (geen zin in eten)
Misselijkheid en braken
Poliurie (veel plassen)
Polidypsie (veel drinken)
Nefrolithiasis, nefrocalcinosis
Distale renale tubulaire
acidose
Nefrogene diabetes insipidus
Acute of chronische nierinsufficientie
Pancreatitis
Maagzweer
Spierzwakte
Botpijn, osteopenie, osteoporose
Concentratievermindering, verwardheid, vermoeidheid, coma
Bradycardie (lage hartslag)
QT-tijd verkorting (zichtbara op ECG)
Hypertensie (te hoge bloeddruk)
Complicaties:
Diagnostiek:
Bij hypoalbuminemie (albumine altijd meebepalen) correctiefactor toepassen: gecorrigeerde calcium = Ca + 1 - (albumine/40)
Calcium wordt via het bloed en urine bepaald.
Cave! stuwing tijdens de bloedafname kan een calciumconcentratie stijging van 10% geven.
Cave! Hypermagnesiemie geeft hypocalciemie.
Bij hypocalciemie kunnen de volgende tekenen optreden:
-
Teken van Chvostek (wanneer er op de kin getikt wordt, strekken de aangezichtsspieren samen, zichtbaar als tuiten van de lippen en verdraaien van de neus)
- Teken van Trousseau (als er 3 minuten een stuwband om de arm wordt gelegd, met opvoeren tot de druk boven de systolische bloeddruk ligt, dan ontstaan er spasmen in de desbetreffende hand, waardoor deze in een soort zwanenhals veranderd)
Behandeling:
Hypocalciemie:
Meestal geen suppletie nodig bij: status na medicatie infusie, bloedtransfusie, rhabdomyolyse, pancreatitis, hypofosfatemie, hypomagnesiemie. Er moet dan op een andere manier behandeld worden (bij hypomagnesiemie door magnesium suppletie)
Orale calcium suppletie
tijdens de maaltijd verhoogd de resorptie. Tot 2 mg calcium suppleren per dag.
Toediening: Calci Chew
Calcium infuus moet langzaam toegedient worden (liefst onder ECG bewaking). Het gaat normaliter om een bolus injectie en niet om een continu infuus.
Toediening:
-
calcium injectie (2.25 mmol Ca = 10ml): 1-3dd 2.25mmol in 3 minuten toedienen
- infuus 2.25 mmol (10ml in 500ml NaCl 0.9% oplossing) per 8 uur.
Controle:
Extra informatie:
Calcium in het bloed komt gebonden (in totaal 53%: waarvan 46% gebonden aan albumne en 7% gebonden aan organische anionen (vooral citraat en fosfaat)) en vrij (47% van het totale calcium) voor. De rest van het calcium (99%) komt voor in de botten en tanden.
Vrij calcium (geioniseerd Ca2+) is fysiologisch het belangrijkste.
Regulatie van de Ca concentratie gaat via:
-PTH (parathyroidhormoon): stimmulatie van reabsorptie van calcium vanuit bot, stimmulatie van reabsorptie van calcium en 1-alfa-hydroxylatie van 25-hydroxycholecalciferol vanuit de nier, remmen van fosfaat- en bicarbonaatreabsorptie vanuit de nier, verhoogde absorptie van calcium en fosfaat vanuit de darm
-calcitriol: verhoogde absorptie van calcium en fosfaat, stimmuleren van de osteoclastische activiteit (mobilisatie van calcium uit het bot)
-calcitonine: remmen van de werking van calcitrol op et bot, remmen van calciumopname vanuit de darm
-
2.25-(OH)2 vitamine D3 (cholecalciferol):
wordt in de lever omgezet in calcidiol en vervolgens in de nier omgezet in calcitriol
Bij hypoalbuminemie is het vrije calcium relatief verhoogd. Ook bij acidose (door dissociatie van het calcium-albumine complex).
Dagelijks dient 1g calcium opgenomen te worden. Bij te kort aan calcium in het bloed, wordt het uit het skelet gehaald.