| Inhoud op alfabetische volgorde: A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z Terug naar EncyMed |
definitie: hyperactiviteit een aandachtstekort
Oorzaken:
Een dudelijke oorzaak is niet gevonden, maar er is wel een sterk verband met de risicofactoren (lees hieronder verder).
ADHD wordt meestal gediagnostiseerd bij kinderen, maar kan ook bij volwassenen voorkomen.
Frequentie:
3-7% van de kinderen in de basisschoolleeftijd. Prevalentie daalt met de leeftijd.
Risicofactoren:
-Erfelijke factoren: 25% van de eerstegraads verwanten vertoond hetzelfde gedrag
-Biologische factoren die invloed hebben op het doaminerge systeem (signalen systeem in de hersenen): roken, alcoholgebruik, stress tijdens de zwangerschap, prematuriteit (vroeggeboorte), zeer laag geboortegewicht, hersenbeschadiging door bijvoorbeeld trauma.
-Psychosociale factoren: ouders bevelen veel, geven negatieve kritiek, geven straf, proberen veel controle op het gedrag uit te oefenen, geven minder antwoord op de vragen van de kinderen. Echtelijke problemen en discussies over de opvoeding. Niet helemaal duidelijk is of dit de oorzaak of het gevolg is van het gedrag.
Verschijnselen:
Abnormaal hyperactief en veel moeite met aandacht
Complicaties:
Diagnostiek:
Interviews met ouders en leerkrachten op school. Deze moeten concrete gedragsbeschrijvingen maken.
Hieronder staat een diagnostisch schema volgens de DSM-IV:
A. Aandachtstekort + hyperactiviteit-impulsiviteit gedurende ten minste 6 maanden. Mag niet bij ontwikkelingsniveau passen.
1. Aandachtstekort:
a. geen aandacht aan details, achteloze fouten maken
b. aandachtstekort bij taak of spel
c. luistert niet bij direct aanspreken
d. kan taak niet afmaken en gebruikt aanwijzingen niet
e. moeite met organiseren
f. houdt zich niet bezig met langdurige taken
g. raakt dingen kwijt die nodig zijn
h. gemakkelijk afleidbaar door uitwendige prikkels
i. vergeetachtig bij bezigheden
2. Hyperactiviteit a-f, impulsiviteit g-i
a. ornustig bewegen of draaien
b. spontaan opstaan op ongepast moment
c. rond rennen of klimmen op ongepast momenten
d. moeite met rustig spelen of met ontspannende activiteiten
e. verweert zich vaak, draaft door
f. continu praten
g. antwoord te vroeg
h. kan niet op zijn beurt wachten
i. verstoort bezigheden van anderen, dringt zich op
B. Enkele van deze symptomen die beperkingen gaven waren aanwezig voor het 7de levensjaar
C. Beperkingen op twee of meerdere terreinen
D. Significante beperkingen in het functioneren
E. Symptomen zijn geen onderdeel van een andere stoornis
Comorbiditeit:
Meest voorkomende comorbiditeit bovenaan, minst voorkomende onderaan.
-coordinatie-ontwikkelingsstoornis
-middelenmisbruik
-autisme
-antisociale persoonlijkheidsstoornis
-oppositioneel-opstandige stoornis
-depressie
-angststoornissen
-dyslexie
-dyscalculie
-ticstoornissen
-gedragstoornissen
-bipolaire stoornis
Behandeling:
Psycho-eductie voor de ouders (zodat deze de verwachtingen bij kunnen stellen en anders kunnen reageren op het gedrag van hun kind)
Gedragstherapie
Methylfenidraat (ritalin, concerta) of in tweede instantie dexamfetamine, of atomoxetine
Controle:
Extra informatie:
Bij methylfenidraat en dexamfetamine worden over het algemeen geen verslavingsverschijnselen gezien. Atomoxetine geeft geen stimmulerend effect zoals de amfetaminen, heeft een continuere werking en helpt ook tegen angststoornissen, maar het globale effect is minder en het is een duur middel.
DD:
-schildklierziekten
-epilepsie
-gehoor- of zichtstoornissen
-neurofibromatose
-fragiele X-syndroom
-velocardiofaciaal syndroom
-Williams-Beuren sydnroom
-neurometabole ziekten
-chorea van Sydenham
-geslachtschromosoomafwijkinegn
-ernstige narcolepsie
-ernstige slaapstoornissen
-depressie
-psychose